1.1.5.2 Hematologische parameters
In het algemeen geeft het aantal reticulocyten een beeld van de erytropoiesesnelheid (activiteit) in het beenmerg. Bij toegenomen reticulocyten aantal is bijgevolg sprake van toegenomen aanmaak van erytrocyten door het beenmerg. De oorzaken hiervan zijn verhoogde aanmaak bij hemolyse of na bloeding. Uit de afgebroken erytrocyten komt LD en hemoglobine vrij. Een deel van het vrijgekomen hemoglobine wordt gebonden aan haptoglobine. Het hemoglobinehaptoglobine- complex wordt in de lever afgebroken, waardoor de haptoglobineconcentratie in het serum daalt. Hemolyse kan dus worden aangetoond door LD, haptoglobine en reticulocyten te bepalen. Bij ernstige hemolyse kan zóveel hemoglobine tot bilirubine worden afgebroken, dat de lever niet in staat is alle bilirubine te conjugeren. In het serum worden dan verhoogde concentraties ongeconjugeerd bilirubine gemeten. Deficiënties van vit. B12 en foliumzuur en het gebruik van bepaalde geneesmiddelen leiden tot gestoorde (vertraagde) DNA synthese in de voorlopers van de ery ocyten. Medicijnen kunnen eveneens interfereren met de DNA-synthese. De vertraging geldt niet voor de rijping van het cytoplasma zodat opbouw van DNA en cytoplasma asynchroon verloopt. Deze verstoring geeft aanleiding tot macrocytose.
Verder in deze paragraaf:
 |
Print deze pagina |
|