18.1  diagnostiek met beeldvorming

- 18 Diagnostiek met beeldvorming
- 18.1 Beeldvormende diagnostiek voor de huisarts
- 18.1.2 Pathologie en praktische diagnostiek
- 18.1.2.1 Wijzigingen in toegepaste beeldvormende technieken

 

18.1.2.1 Wijzigingen in toegepaste beeldvormende technieken

De moderne radiologie heeft de laatste 20 jaar revolutionaire veranderingen ondergaan.
Conventionele technieken zijn aangevuld met nieuwe methoden om het inwendige van het menselijk lichaam en de daar aanwezige pathologie zichtbaar te maken. Tot 20 jaar geleden beperkte de radiologie zich tot het onderzoek van het skelet, de longen en (na vulling met een contrastmiddel) van de holle organen (tractus digestivus, bloedvaten, hersenkamers e.d.). Door middel van moderne beeldtechnieken (echografie, CT en MRI) is het nu mogelijk gedetailleerde morfologische en soms ook functionele informatie te verkrijgen van vrijwel alle inwendige organen. Deze nieuwe technieken hebben het radiologisch onderzoek bovendien minder belastend gemaakt.
Er hebben inmiddels een aantal volledige vervangingen in technieken plaats gehad. Als voorbeelden zijn te noemen: het luchtonderzoek van de hersenventrikels is afgeschaft en vervangen door CT of MRI. Myelografie c.q. caudografie zijn vervangen door MRI; artrografie en artroscopie door MRI.

Bijgevolg is de beeldvormende diagnostiek, die de huisarts meestal aanvraagt, de laatste tijd in een aantal opzichten gewijzigd.
Echografie vervangt steeds vaker röntgenonderzoek (voor galblaas en nieren) en speelt bovendien een belangrijke rol bij de beslissing of, en naar welke, specialist de patiënt verwezen moet worden.
De belangrijkste echografie-indicaties voor de huisarts zijn geworden:
galstenen, onbegrepen leverfunctiestoornissen, palpabele buiktumor (is er werkelijk een tumor en waar gaat deze van uit), nierstuwing, diepe veneuze trombose, aneurysma aortae en uterus. Voor echoscopisch onderzoek in de zwangerschap: zie hoofdstuk ‘Het basaal verloskundig echo-onderzoek’.
Röntgenonderzoek. De indicaties voor conventioneel röntgenonderzoek van skelet en longen zijn de laatste 20 jaar amper gewijzigd.
CT komt in de plaats van gewone tomografie en endoscopie kan in bepaalde situaties het röntgenonderzoek van bv. maag, slokdarm en colon vervangen. CT wordt vooral gebruikt voor het onderzoek van de buikorganen en longen. De belangrijkste indicaties van MRI zijn het onderzoek van het centraal zenuwstelsel en van het bewegingsapparaat.

Verder in deze paragraaf:

Print deze pagina
 
Copyright © 2002 - 2012 SAN - info@de-san.nl