 |
19.1.3.1 Normale regulatie
Kalium (K+) is nodig voor het handhaven van de rustpotentiaal over de celmembraan. Deze berust nl. voornamelijk op de verhouding tussen de concentraties van intra- en extracellulair K+. Omdat deze rustpotentiaal essentieel is voor het kunnen ontwikkelen van een actiepotentiaal, geeft een verandering van het plasmakalium vooral problemen in de exciteerbare weefsels zoals spieren en geleidingsvezels. Voor de kalium huishouding zijn twee regelmechanismen beschikbaar. A. Een korte-termijn regulatie door verplaatsing van kalium in of uit de cel. Dit regelmechanisme is fysiologisch van belang om acute stijgingen of dalingen in het plasmakalium tijdelijk te bufferen (bv. tijdens inname van kaliumrijk voedsel). Insuline, catecholamines en veranderingen in zuur-base evenwicht zijn de bekendste oorzaken van een verandering in de verdeling van K+ over de intra- en extracellulaire ruimte. B. Uitscheiding van K+ door de nier. Dagelijks vindt 90% van de K+ uitscheiding plaats door de nier en 10% via de darm. De K+ uitscheiding door de nier wordt (behalve door de plasmaconcentratie van het K+) bepaald door: - de hoeveelheid filtraatvorming en - het hormoon aldosteron. Retentie van K+ kan alleen maar veroorzaakt worden door een nierziekte, terwijl kalium verlies zowel via de nier als door de darm kan optreden.
Verder in deze paragraaf:
 |
Print deze pagina |
|
 |