2.2  Hemostase en trombose

- 2 Hemostase en trombose
- 2.2 Antitrombotische behandeling*
- 2.2.2 Behandelingsvormen
- 2.2.2.3 Trombocyten-aggregatie remmers

 

2.2.2.3 Trombocyten-aggregatie remmers

De bekendste vertegenwoordiger uit deze groep is ongetwijfeld aspirine (voor werking: zie hoofdstuk ’Hemostase en trombose-onderzoek’). Deze vorm van secundaire profylaxe heeft uitsluitend een indicatiegebied op het terrein van arteriële trombo-embolische processen. De werking is aangetoond bij coronaire hartziekte, zoals instabiele angina pectoris, hartinfarct, na trombolyse, na coronaire angioplastiek (dotteren of PTCA) en coronaire bypass chirurgie en verder bij ’transient ischaemic attack’s’. Het is voor deze indicaties niet zeker hoelang de behandeling moet worden volgehouden. Uit onderzoek is gebleken dat de winst vooral in de eerste maanden na het instellen van de behandeling optreedt. Wat myocardinfarct betreft, lijkt het effect vooral in de eerste zes maanden gunstig te zijn; met name op het terrein van de vasculaire morbiditeit en minder op het terrein van de mortaliteit. Het is niet zeker hoe het effect zich verhoudt met het effect van adequaat ingestelde en gecontroleerde antistollingsbehandeling. In ASPECT-2 werd recent echter aangetoond dat intensieve coumarine antistolling (door de Trombosediensten) werkzamer was dan aspirine en tevens dat de combinatie van minder intensieve antistolling met aspirine effectiever was dan aspirine alleen, maar niet effectiever dan meer intensieve antistollingsbehandeling.

Het aantrekkelijke van het gebruik van trombocyten- aggregatieremmers als secundaire profylaxe bij arteriële trombo-embolische processen is dat er in tegenstelling tot de orale antistollingsbehandeling geen laboratoriumcontrole noodzakelijk is. Naast aspirine, als één van de oorspronkelijke NSAID’s, kunnen alle andere vertegenwoordigers uit deze groep in meerdere of mindere mate trombocyten-aggregatie remmende eigenschappen hebben: indomethacine werkt ongeveer even sterk als acetylsalicylzuur en de andere in mindere mate. De remming van het cyclo-oxygenase is onder invloed van deze stoffen reversibel, zodat de trombocytenfunctie zich na staken van het middel sneller zal herstellen dan na behandeling t aspirine dat een irreversibele remming van cyclo-oxygenase veroorzaakt.

Recent is clopidogrel (Plavix®) 75 mg geregistreerd voor secundair profylactische indicaties (myocardinfarct, ischemisch CVA en perifeer arteriële aandoeningen), alleen of in combinatie met aspirine. Combinatie met coumarines wordt momenteel ontraden vanwege bloedingsrisico.

Verder in deze paragraaf:

Print deze pagina
 
Copyright © 2002 - 2012 SAN - info@de-san.nl