3.2.2.1 Anamnese
In tabel 1 zijn een aantal symptomen gegeven die kunnen optreden bij hyperthyreoïdie c.q. hypothyreoïdie. De frequentie van de symptomen is wisselend. Bovendien worden thans, dankzij toenemende alertheid in de eerste lijn, schildklierafwijkingen steeds meer in een vroeger stadium gediagnostiseerd met gevolg dat ernstige symptomen bij verwijzing minder gezien worden. Op oudere leeftijd kunnen hyper- c.q. hypothyreoïdie aanwezig zijn zonder klachten of op atypische wijze: men spreekt resp. van ‘apathische hyperthyreoïdie’ en van ‘gemaskeerde hypothyreoïdie’.
Bij de apathische hyperthyreoïdie staan op de voorgrond: - cardiale klachten en atriumfibrilleren - vermagering - apathie. Men moet aan gemaskeerde hypothyreoïdie denken bij bejaarden met atypische vage klachten, zoals: - vermoeidheid - mentale depressie - geheugenverlies en (pseudo)dementie. Het is raadzaam om bij elke oudere patiënt die depressief wordt of in de omgang zich anders gaat gedragen of gaat boezemfibrilleren schildklierfunctieparameters te bepalen ter uitsluiting van een (subklinische, presymptomatische) hyper- c.q. hypothyreoïdie.
Verder in deze paragraaf:
 |
Print deze pagina |
|