4.1  Gastro-enterologie

- 4 Gastro-enterologie
- 4.1 Ziekten van het maagdarmkanaal
- 4.1.2 Diagnostiek
- 4.1.2.6 IBD

 

4.1.2.6 IBD

In het algemeen worden met IBD de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa bedoeld. Er zijn echter nog andere chronische ontstekingsbeelden van het maagdarmkanaal, die hiertoe gerekend kunnen worden (eosinofiele gastro-enteritis, collageneuze colitis e.a.). Deze ziekten hebben een incidentie van ca. 8 - 15 per 100.000; nieuwe ziektegevallen komen dus slechts enkele malen voor in de huisartspraktijk.

Daar het echter chronische ontstekingen betreft met een sterk wisselende morbiditeit, worden problemen wel regelmatig door de huisarts gezien. De ziekte van Crohn kan in principe van mond tot anus gevonden worden, maar meestal is de ziekte gelokaliseerd in het terminale ileum en/of colon. In een derde tot de helft zijn er bij nauwkeurig onderzoek peri-anale afwijkingen. Colitis ulcerosa is een ontsteking van de dikke darm. Alhoewel beide ziekten m.n. op jongere leeftijd wordt gezien (20-40 jr.), kunnen zij optreden op iedere leeftijd, dus ook bv. bij 60- tot 70- jarigen. Hierbij is er een andere differentiaaldiagnose o.v. jongeren en moet ook aan ischemie, maligniteit en diverticulitis worden gedacht. Niet zelden wordt er een exacerbatie gezien van IBD in aansluiting op gastro-enteritis, hetzij van virale dan wel bacteriële origine (veelal niet te achterhalen middels diagnostiek). De exacerbaties (buikpijn, diarree), waarmee beide ziekten gepaard gaan, worden afgewisseld met perioden van stabiele rustige ziekte. Wanneer het colon bij de ziekte is betrokken, zal er veelal sprake zijn van diarree met bloedverlies; zowel overdag als ‘s nachts.

De eerste manifestatie van de ziekte of/en exacerbatie kan niet te onderscheiden zijn van een infectieuze colitis (kan ook bloederig zijn!). De anamnese kan behulpzaam zijn (reizen, barbecue?). Feces onderzoek op Salmonella, Campylobacter, Shigella en Yersinia bacteriën is essentieel; soms ook Clostridium en toxine. Kweken op ziekte verwekkende andere bacteriën zal niet informatief of zelfs onmogelijk zijn. Mede afhankelijk van het ziek zijn van patiënt zal aanvullend laboratorium ond zoek m.n. bestaan uit bepaling van BSE of CRP; leukocyten, trombocyten, trombocyten, albumine, lever- en nierfunctie in het bloed.

Verwijzing naar een maagdarm- en leverarts is gewenst voor verdere diagnostiek (veelal endoscopisch en radiologisch onderzoek) en therapie.

Verder in deze paragraaf:

Print deze pagina
 
Copyright © 2002 - 2012 SAN - info@de-san.nl