7.1  Fertiliteit en zwangerschap

- 7 Fertiliteit en zwangerschap
- 7.1 Subfertiliteit
- 7.1.2 Diagnostiek en interpretatie
- 7.1.2.1 Standaarden

 

7.1.2.1 Standaarden

In 1998 is de Landelijke Transmurale Afspraak Subfertiliteit gepubliceerd. Huisartsen en gynaecologen formuleren hierin het beleid rondom paren met subfertiliteit. Beide beroepsgroepen hebben eigen richtlijnen t.a.v. subfertiliteit: de NHG-standaard ‘Subfertiliteit’ en de NVOGrichtlijn ‘Het Oriënterend Fertiliteitonderzoek’( OFO). Het beleid van de huisarts is gericht op het uitsluiten van een stoornis, terwijl de gynaecoloog vooral gericht is op het opsporen van een stoornis. De gynaecoloog stelt de diagnose. Beide disciplines maken op basis van de anamnese inclusief BTC, het lichamelijk onderzoek (eventueel invasief onderzoek, zoals HSG en diagnostische laparoscopie) en laboratorium onderzoek (PCT, CAT, semenanalyse) een inschatting over de spontane conceptiekans. Een behandeling zal slechts volgen indien de spontane conceptiekansen zo laag zijn dat er duidelijk toegevoegde waarde is van de in te stellen behandeling.

Verder in deze paragraaf:

Print deze pagina
 
Copyright © 2002 - 2012 SAN - info@de-san.nl