 |
7.2.5.1 Veranderingen in sommige referentiewaarden
De zwangerschap is te vergelijken met een conditietest van 9 maanden voor wat betreft de cardiovasculaire veranderingen: het bloedvolume, de hartfrequentie en de ‘cardiac output’ nemen duidelijk toe. Door de toename van het circulaire bloedvolume treedt er een verdunning op (fysiologische hemodilutie), zodat de Hb-concentratie wat kan dalen. De absolute hoeveelheid Hb daalt niet; dit neemt zelfs iets toe, doordat ook het totale aantal erytrocyten toeneemt. Deze toename weegt echter niet op tegen de genoemde verdunning, zodat het eindeffect van verdunning èn toename van erytrocyten is: een lichte daling van de Hb-concentratie en dus van de ondergrens van de referentiewaarden. Ook voor eiwitten als albumine, ferritine enz. treedt door de hemodilutie enige verlaging op. De verhoging van alkalische fosfatase komt op rekening van het verschijnen van het zg. placentaire alk. fosfatase. Daar een verhoogde glomerulaire filtratie tijdens zwangerschap optreedt, is de bovengrens van de referentiewaarden voor de concentratie van kreatinine in bloed (serum) verlaagd (ca. 30%).
Verder in deze paragraaf:
 |
Print deze pagina |
|
 |