8.1  Neonatologie

- 8 Neonatologie
- 8.1 Neonatologie
- 8.1.3 Interpretatie c.q. verwijzing voor specialistische evaluatie
- 8.1.3.1 Aandachtspunten

 

8.1.3.1 Aandachtspunten

Men houde er rekening mee dat de referentiewaarden in het neonatale tijdperk beduidend afwijken van de referentiewaarden bij volwassenen en van dag tot dag, soms zelfs van uur tot uur, kunnen wijzigen. Men raadplege die van het eigen laboratorium. Een illustratie zagen we reeds bij het verloop van bilirubine in geval van fysiologische hyperbilirubinemie.
Deze sterk afwijkende en wisselende referentiewaarden leveren bij de interpretatie van de verkregen uitslagen nog wel eens problemen op. Ter toelichting: het aantal leukocyten bedraagt de 1e dag ca. 10 - 35 x 109/l en daalt in de daarop volgende 7 dagen tot ca. 5 - 20 x 109/l. Hogere waarden dan bij volwassenen worden eveneens gevonden voor het aantal lymfocyten, vooral vanaf de 2e dag gedurende de eerste maanden. Gezien deze variaties en de bijkomende variaties als gevolg van de gebruikte telmethoden, raadplege men de referentiewaarden van het eigen laboratorium. De referentiewaarden van het aantal trombocyten heeft bij pasgeborenen een groter bereik dan bij volwassenen.
Indien afwijkende uitslagen worden verkregen dient men zich altijd af te vragen of deze afwijkingen eventueel zouden kunnen samenhangen met de wijze van sampling (zie par. 4). Daarnaast is een snelle en adequate reactie op abnormale uitslagen gewenst gezien de smallere tolerantiebreedte, welke een neonaat kenmerkt.

Verder in deze paragraaf:

Print deze pagina
 
Copyright © 2002 - 2012 SAN - info@de-san.nl